ZACHT, DROOG en IETS ZONNIGER
Deze
winter was zacht in december en februari, maar koud in januari. Hierdoor werd
het gemiddeld een warm winterseizoen. Daarbij viel er weinig neerslag dan
normaal. Soms viel de neerslag in de vorm van sneeuw en ijzel en dan met name
in januari. Tenslotte was het iets zonniger deze winter dan het langjarig
gemiddelde.
TEMPERATUUR
Met
een gemiddelde etmaaltemperatuur in De Bilt van 4,8°C tegen een langjarig
gemiddelde van 3,9°C gaat deze winter de weerboeken in als zacht. Vaak lag de
temperatuur (ruim) boven normaal, maar er waren enkele, meestal kortdurende
koude perioden. In het noorden was het vaak duidelijk kouder met eind januari
en begin februari twee weken vaak winters weer. De gemiddelde temperatuur kwam
in het noorden voor deze winter namelijk rond normaal uit. Zo noteerde Nieuw
Beerta een gemiddelde etmaaltemperatuur van 2,9°C tegen 3,1°C normaal. Terwijl
Vlissingen een gemiddelde wintertemperatuur had van 5,8°C tegen 5,0°C normaal. In
Berkel-Enschot kwam deze uit op 4,9°C tegen normaal (periode 1998-2023) 4,5°C.
Overdag werd het gemiddeld 7,8°C (normaal 7,1°C) en ’s nachts was 1,9°C
gemiddeld tegen 1,8°C als langjarig gemiddelde.
De
winter begon meteen boterzacht met een zeer warme december. In De Bilt kwam de gemiddelde
temperatuur over vierentwintig uur namelijk uit op 6,1°C tegen 4,2 °C normaal en goed
voor een achtste plek in de lijst met zachtste decembermaanden ooit waargenomen
sinds 1901. De eerste drie weken was het uitermate zacht met maxima vaak boven
de 10 graden. ’s Nachts kwam de temperatuur maar heel sporadisch onder het
vriespunt. Pas tijdens de kerstdagen kregen we te maken met een koude periode,
waardoor Eerste kerstdag een ijsdag opleverde in De Bilt. Vervolgens zette die
kou van de kerst in januari voort, waardoor deze maand koud verliep. Het
etmaalgemiddelde kwam in De Bilt uit op 2,5°C tegen een langjarig gemiddelde
van 3,6°C. De eerste week was het kwakkelweer, waarbij het ’s nachts vroor en
dan vooral landinwaarts, en overdag kwam de temperatuur meestal iets boven nul
uit. Na een korte dooi beleefden we op 10 en 11 januari de koudste dagen van de
winter. Op 10 januari kwam de temperatuur in De Bilt niet boven nul uit en
daarmee was het na 25 december de tweede ijsdag deze winter. De laagste minimumtemperatuur
van de winter werd op 11 januari in Wijster gemeten en kwam uit op -12,0°C,
gevolgd door Eelde met -11,6°C. Door de stevige wind kwamen de
gevoelstemperaturen in het noordoosten uit tot -15,8°C in Nieuw Beerta. Daarna
werd het weer zacht, maar vanaf 20 januari werd het vooral in het noorden opnieuw
kouder.
Tenslotte
kregen we februari die zeer zacht verliep. Het etmaalgemiddelde kwam in De Bilt
uit op 5,8°C en dat is bijna twee graden boven het klimatologische gemiddelde
van 3,9°C. In de eerste vijf dagen waren er grote temperatuurverschillen in ons
land. In het noorden lag de temperatuur rond of onder het vriespunt terwijl het
in het zuiden zacht was. Na een zachte periode waren er rond het midden van de
maand weer twee koude dagen. De laatste week verliep echter uitermate zacht. In
Maastricht en Eindhoven werd op 25 februari met 19,8°C de hoogste maximumtemperatuur
van de winter bereikt. In grote steden werd het nog iets warmer en werd in
Brabant en Limburg de eerste regionale warme dag geregistreerd van 20 graden,
zoals in Tilburg en Eindhoven. Berkel-Enschot had 20,7°C. De hoogste
temperatuur in De Bilt werd ook op deze dag geregistreerd en werd zelfs de
eerste officiële lentedag van het jaar met 17,3°C.
Het
KNMI in De Bilt registreerde deze winter 31 dagen waarop het heeft gevroren: 8
in december, 18 in januari en 5 in februari. Dat is minder dan het langjarig
gemiddelde van 35. Op vijf dagen daarvan vroor het matig met temperaturen
beneden -5 graden tegen acht normaal en tot strenge vorst met een
minimumtemperatuur beneden -10 graden kwam het niet. Gebruikelijk is één nacht
met strenge vorst. Elders liep het aantal vorstdagen uiteen van 10 in
Vlissingen tot ruim 40 in het noordoosten en oosten; in Hoogeveen en Eelde
waren het er 45, Nieuw Beerta had er 44, Heino 43 en Twenthe 42. De Bilt telde
daarbij twee ijsdagen (tegen zes normaal), maar in het (noord)oosten van het
land waren dat maar liefst 9 tot 10 ijsdagen. In Berkel-Enschot werden 27 vorstdagen
geteld (normaal 29), waarvan drie met matige vorst (normaal zes). Op één dag
bleef het de gehele dag vriezen en dat was op 10 januari waarbij het niet warmer
werd dan -0,3°C. De laagste temperatuur van deze winter werd in de daarop
volgende nacht waargenomen: op 11 januari zakte het kwik tot -6,9°C. Op 25
februari werd de hoogste wintertemperatuur bereikt tot wel 20,7°C, een warme
dag dus.
NEERSLAG
Met
landelijk gemiddeld 135 mm neerslag tegen 204 mm normaal was de winter droog.
Het natst was het deze winter in het Drentse Rolde met 284 mm, gevolgd door
Heerlen (228), Braamt (219), Kapelle (214), Nieuwegein (213), Woudenberg (212),
Assen (205) en ook in Roderesch werd de 200 millimeter overschreden met in
totaal 202 mm. Het natste KNMI-station was De Bilt waar 159 mm werd opgevangen.
De minste neerslag viel in Noord-Holland met 92 mm in Pijnacker en 100 mm in Spanbroek.
Daarnaast volgen nog Heino (110) en Hoek van Holland met 127 mm. In Brabant
waren de natste plaatsen Hank en Etten-Leur met respectievelijk 193 en 189 mm.
Vierlingsbeek had met 141 de minste neerslag. Berkel-Enschot tapte in deze
winter 186 mm af tegen normaal 231 mm. Daarbij werd op 31 dagen minstens één
millimeter opgevangen, waarvan 3 dagen minstens tien millimeter. De natste
winterdag was die van 9 januari toen er 16 mm in de regenmeter kwam. Naast regen
werd op één winterdag hagel waargenomen (2 januari) en ijzel (12 januari). Op
twee dagen heeft het geonweerd (2 en 3 januari) en tenslotte was er sprake van
mist op 12 dagen tegen normaal 10.
December
was met een landelijk gemiddelde neerslag van 22 mm tegen 78 mm zeer droog. Januari
daarentegen week weinig af wat normaal is, namelijk 70 mm tegen 68 mm normaal
en dat geldt ook de sprokkelmaand februari: 56 mm neerslag tegen een langjarig
gemiddelde van 58 mm. De eerste vijf dagen van januari was kletsnat en viel deels
in de vorm van sneeuw. Maar landelijk gezien was 9 januari de natste dag met zo’n
10 millimeter aan neerslag.
SNEEUW en
IJZEL
De
eerste week van januari viel er in Nederland iedere dag sneeuw. Landinwaarts
bleef de sneeuw vanaf de nacht naar 2 januari liggen en vooral rond de Veluwe. Op
3 januari viel regionaal 5 tot 10 cm en ook op 4 januari trokken sneeuwbuien
over het land. In het midden van het land en in delen van Noord-Brabant viel 10
tot 20 cm en lokaal lag nog wat meer. Op 5 en 6 januari sneeuwde het regelmatig
en ook op 7 januari kwam het tot
grootschalige sneeuwval. Bij sneeuw in combinatie met windkracht 6 tot 7
was er sprake van sneeuwjacht. Gemiddeld over het land viel maar liefst 15 cm
en uiteindelijk groeide het sneeuwdek lokaal aan tot meer dan 30 cm. Op 9 en 10
januari trok een lagedrukgebied (storm Goretti) over het zuiden van Nederland
oost zuidoostwaarts. In het zuiden en midden bracht het dooi met regen, in het
noorden viel sneeuw. Deze sneeuw ging met veel wind gepaard. Vanaf de avond van
8 tot en met de middag van 10 januari gold in de noordelijke provincies code
oranje voor sneeuwjacht. De inval van de dooi in de nacht van 11 op 12 januari
ging met regen gepaard die met uitzondering van het zuidwesten bevroor op de
koude ondergrond. Hiervoor gold code oranje. De sneeuw die er nog lag was op 13
januari op de meeste plaatsen weggesmolten. Eind januari kreeg vooral het
noorden opnieuw met winters weer te maken. Op 23 en 24 januari gold in het
noorden code oranje voor gladheid door ijzel. Op 26 januari viel in het
noordoosten plaatselijk een paar centimeter sneeuw. Op 28 januari viel in het
noordoosten wat meer sneeuw. In de nacht en ochtend van 29 januari viel in
grote delen van Nederland een paar centimeter. In het oosten en noordoosten lag
plaatselijk meer dan 5 centimeter. In het zuiden en zuidwesten viel geen
sneeuw. In het noordoosten bleef de sneeuw liggen tot en met het einde van de
maand.
Begin
februari viel in het noorden weer regen bij een temperatuur onder het
vriespunt. Van 2 t/m 4 februari gold in de noordelijke provincies code oranje
voor gladheid door ijzel. In de nacht en ochtend van 4 februari gold code rood
en dat is een weeralarm. Op 5 en 6 februari was
het opnieuw glad in de noordelijke helft van het land vanwege ijzel. In de
avond van 15 februari en de daaropvolgende nacht trok een gebied met sneeuw
over Nederland noordoostwaarts. Er viel op de meeste plaatsen 3 tot 5
centimeter sneeuw. De sneeuw dooide vrijwel overal binnen een dag weer weg. Op
19 februari viel in het zuiden en midden plaatselijk een paar centimeter
sneeuw. Deze sneeuw was na enkele uren al weer weggesmolten. Met al deze
winterse situaties kwam het maar liefst acht keer tot een code oranje voor
gladheid, die in totaal op elf dagen gold. Eén keer werd daarbij zelfs
opgeschaald naar een weeralarm (code rood).
In
Berkel-Enschot heeft het op 11 winterdagen gesneeuwd, waarbij op 10 dagen een
sneeuwdek werd gevormd. Het hoogste sneeuwdek werd op 7 januari gemeten en kwam
uit op 23 cm. Een nieuw record sinds de metingen daar in 1998 zijn begonnen.
Het vorige record stond op 20 cm van 20 december 2009 die daarna voor een Witte
Kerst zorgde.
ZONNESCHIJN
Met
landelijk gemiddeld 222 uren zon tegen een langjarig gemiddelde van 217 uur was
het een iets zonniger winterseizoen. Het somberst was het in Eelde met 193 uur
zon en de meest zon kreeg Maastricht met 250 zonuren. In De Bilt en
Berkel-Enschot scheen de zon respectievelijk 229 uur (normaal 212 in De Bilt)
en 219 uur tegen 220 normaal rondom Tilburg. Bij dat laatste station werden in
deze winter 26 zonloze dagen geteld (normaal 30) en maar 12 zeer zonnige dagen,
terwijl we op 14 van zulke dagen in het winterseizoen mogen rekenen.
December
was met 68 uur zon tegen een langjarig gemiddelde van 58 uur zonnig. Vooral het
einde van de maand verliep zonnig: 24 tot en met 26 december en 28 december
waren zeer zonnige dagen. Januari was wat zonniger dan normaal met 74 zonuren
tegen 68 zonuren normaal. In februari scheen de zon met gemiddeld over het land
79 uur veel minder dan normaal (92 zonuren). Er was vooral de eerste 10 dagen
in delen van Nederland flink wat zon, maar verder was het vaak grijs. De
25e en 26e waren zeer zonnig.
NOORDERLICHT
Op 11 januari was in het noorden van het land
het noorderlicht zichtbaar. Met het blote oog was het noorderlicht nauwelijks
waarneembaar, maar met een camera met lange sluitertijd was het verschijnsel
een stuk beter te zien. Ook op 19 januari kwam het tijdens de avond tot een
zeer fraai noorderlicht. Er kwamen veel meldingen binnen en het noorderlicht
was dit keer wel met het blote oog zichtbaar met felle groene en roze kleuren
tot zelfs in Berkel-Enschot en Tilburg toe. Prachtig.