vrijdag 20 maart 2026

Het Weernieuws: Winter 2025-2026

 ZACHT, DROOG en IETS ZONNIGER

Deze winter was zacht in december en februari, maar koud in januari. Hierdoor werd het gemiddeld een warm winterseizoen. Daarbij viel er weinig neerslag dan normaal. Soms viel de neerslag in de vorm van sneeuw en ijzel en dan met name in januari. Tenslotte was het iets zonniger deze winter dan het langjarig gemiddelde. 

TEMPERATUUR

Met een gemiddelde etmaaltemperatuur in De Bilt van 4,8°C tegen een langjarig gemiddelde van 3,9°C gaat deze winter de weerboeken in als zacht. Vaak lag de temperatuur (ruim) boven normaal, maar er waren enkele, meestal kortdurende koude perioden. In het noorden was het vaak duidelijk kouder met eind januari en begin februari twee weken vaak winters weer. De gemiddelde temperatuur kwam in het noorden voor deze winter namelijk rond normaal uit. Zo noteerde Nieuw Beerta een gemiddelde etmaaltemperatuur van 2,9°C tegen 3,1°C normaal. Terwijl Vlissingen een gemiddelde wintertemperatuur had van 5,8°C tegen 5,0°C normaal. In Berkel-Enschot kwam deze uit op 4,9°C tegen normaal (periode 1998-2023) 4,5°C. Overdag werd het gemiddeld 7,8°C (normaal 7,1°C) en ’s nachts was 1,9°C gemiddeld tegen 1,8°C als langjarig gemiddelde. 

De winter begon meteen boterzacht met een zeer warme december. In De Bilt kwam de gemiddelde temperatuur over vierentwintig uur namelijk uit op 6,1°C tegen 4,2 °C normaal en goed voor een achtste plek in de lijst met zachtste decembermaanden ooit waargenomen sinds 1901. De eerste drie weken was het uitermate zacht met maxima vaak boven de 10 graden. ’s Nachts kwam de temperatuur maar heel sporadisch onder het vriespunt. Pas tijdens de kerstdagen kregen we te maken met een koude periode, waardoor Eerste kerstdag een ijsdag opleverde in De Bilt. Vervolgens zette die kou van de kerst in januari voort, waardoor deze maand koud verliep. Het etmaalgemiddelde kwam in De Bilt uit op 2,5°C tegen een langjarig gemiddelde van 3,6°C. De eerste week was het kwakkelweer, waarbij het ’s nachts vroor en dan vooral landinwaarts, en overdag kwam de temperatuur meestal iets boven nul uit. Na een korte dooi beleefden we op 10 en 11 januari de koudste dagen van de winter. Op 10 januari kwam de temperatuur in De Bilt niet boven nul uit en daarmee was het na 25 december de tweede ijsdag deze winter. De laagste minimumtemperatuur van de winter werd op 11 januari in Wijster gemeten en kwam uit op -12,0°C, gevolgd door Eelde met -11,6°C. Door de stevige wind kwamen de gevoelstemperaturen in het noordoosten uit tot -15,8°C in Nieuw Beerta. Daarna werd het weer zacht, maar vanaf 20 januari werd het vooral in het noorden opnieuw kouder.

Tenslotte kregen we februari die zeer zacht verliep. Het etmaalgemiddelde kwam in De Bilt uit op 5,8°C en dat is bijna twee graden boven het klimatologische gemiddelde van 3,9°C. In de eerste vijf dagen waren er grote temperatuurverschillen in ons land. In het noorden lag de temperatuur rond of onder het vriespunt terwijl het in het zuiden zacht was. Na een zachte periode waren er rond het midden van de maand weer twee koude dagen. De laatste week verliep echter uitermate zacht. In Maastricht en Eindhoven werd op 25 februari met 19,8°C de hoogste maximumtemperatuur van de winter bereikt. In grote steden werd het nog iets warmer en werd in Brabant en Limburg de eerste regionale warme dag geregistreerd van 20 graden, zoals in Tilburg en Eindhoven. Berkel-Enschot had 20,7°C. De hoogste temperatuur in De Bilt werd ook op deze dag geregistreerd en werd zelfs de eerste officiële lentedag van het jaar met 17,3°C. 

Het KNMI in De Bilt registreerde deze winter 31 dagen waarop het heeft gevroren: 8 in december, 18 in januari en 5 in februari. Dat is minder dan het langjarig gemiddelde van 35. Op vijf dagen daarvan vroor het matig met temperaturen beneden -5 graden tegen acht normaal en tot strenge vorst met een minimumtemperatuur beneden -10 graden kwam het niet. Gebruikelijk is één nacht met strenge vorst. Elders liep het aantal vorstdagen uiteen van 10 in Vlissingen tot ruim 40 in het noordoosten en oosten; in Hoogeveen en Eelde waren het er 45, Nieuw Beerta had er 44, Heino 43 en Twenthe 42. De Bilt telde daarbij twee ijsdagen (tegen zes normaal), maar in het (noord)oosten van het land waren dat maar liefst 9 tot 10 ijsdagen. In Berkel-Enschot werden 27 vorstdagen geteld (normaal 29), waarvan drie met matige vorst (normaal zes). Op één dag bleef het de gehele dag vriezen en dat was op 10 januari waarbij het niet warmer werd dan -0,3°C. De laagste temperatuur van deze winter werd in de daarop volgende nacht waargenomen: op 11 januari zakte het kwik tot -6,9°C. Op 25 februari werd de hoogste wintertemperatuur bereikt tot wel 20,7°C, een warme dag dus. 

NEERSLAG

Met landelijk gemiddeld 135 mm neerslag tegen 204 mm normaal was de winter droog. Het natst was het deze winter in het Drentse Rolde met 284 mm, gevolgd door Heerlen (228), Braamt (219), Kapelle (214), Nieuwegein (213), Woudenberg (212), Assen (205) en ook in Roderesch werd de 200 millimeter overschreden met in totaal 202 mm. Het natste KNMI-station was De Bilt waar 159 mm werd opgevangen. De minste neerslag viel in Noord-Holland met 92 mm in Pijnacker en 100 mm in Spanbroek. Daarnaast volgen nog Heino (110) en Hoek van Holland met 127 mm. In Brabant waren de natste plaatsen Hank en Etten-Leur met respectievelijk 193 en 189 mm. Vierlingsbeek had met 141 de minste neerslag. Berkel-Enschot tapte in deze winter 186 mm af tegen normaal 231 mm. Daarbij werd op 31 dagen minstens één millimeter opgevangen, waarvan 3 dagen minstens tien millimeter. De natste winterdag was die van 9 januari toen er 16 mm in de regenmeter kwam. Naast regen werd op één winterdag hagel waargenomen (2 januari) en ijzel (12 januari). Op twee dagen heeft het geonweerd (2 en 3 januari) en tenslotte was er sprake van mist op 12 dagen tegen normaal 10. 

December was met een landelijk gemiddelde neerslag van 22 mm tegen 78 mm zeer droog. Januari daarentegen week weinig af wat normaal is, namelijk 70 mm tegen 68 mm normaal en dat geldt ook de sprokkelmaand februari: 56 mm neerslag tegen een langjarig gemiddelde van 58 mm. De eerste vijf dagen van januari was kletsnat en viel deels in de vorm van sneeuw. Maar landelijk gezien was 9 januari de natste dag met zo’n 10 millimeter aan neerslag.   

SNEEUW en IJZEL

De eerste week van januari viel er in Nederland iedere dag sneeuw. Landinwaarts bleef de sneeuw vanaf de nacht naar 2 januari liggen en vooral rond de Veluwe. Op 3 januari viel regionaal 5 tot 10 cm en ook op 4 januari trokken sneeuwbuien over het land. In het midden van het land en in delen van Noord-Brabant viel 10 tot 20 cm en lokaal lag nog wat meer. Op 5 en 6 januari sneeuwde het regelmatig en ook op 7 januari kwam het tot grootschalige sneeuwval. Bij sneeuw in combinatie met windkracht 6 tot 7 was er sprake van sneeuwjacht. Gemiddeld over het land viel maar liefst 15 cm en uiteindelijk groeide het sneeuwdek lokaal aan tot meer dan 30 cm. Op 9 en 10 januari trok een lagedrukgebied (storm Goretti) over het zuiden van Nederland oost zuidoostwaarts. In het zuiden en midden bracht het dooi met regen, in het noorden viel sneeuw. Deze sneeuw ging met veel wind gepaard. Vanaf de avond van 8 tot en met de middag van 10 januari gold in de noordelijke provincies code oranje voor sneeuwjacht. De inval van de dooi in de nacht van 11 op 12 januari ging met regen gepaard die met uitzondering van het zuidwesten bevroor op de koude ondergrond. Hiervoor gold code oranje. De sneeuw die er nog lag was op 13 januari op de meeste plaatsen weggesmolten. Eind januari kreeg vooral het noorden opnieuw met winters weer te maken. Op 23 en 24 januari gold in het noorden code oranje voor gladheid door ijzel.  Op 26 januari viel in het noordoosten plaatselijk een paar centimeter sneeuw. Op 28 januari viel in het noordoosten wat meer sneeuw. In de nacht en ochtend van 29 januari viel in grote delen van Nederland een paar centimeter. In het oosten en noordoosten lag plaatselijk meer dan 5 centimeter. In het zuiden en zuidwesten viel geen sneeuw. In het noordoosten bleef de sneeuw liggen tot en met het einde van de maand.

Begin februari viel in het noorden weer regen bij een temperatuur onder het vriespunt. Van 2 t/m 4 februari gold in de noordelijke provincies code oranje voor gladheid door ijzel. In de nacht en ochtend van 4 februari gold code rood en dat is een weeralarm. Op 5 en 6 februari was het opnieuw glad in de noordelijke helft van het land vanwege ijzel. In de avond van 15 februari en de daaropvolgende nacht trok een gebied met sneeuw over Nederland noordoostwaarts. Er viel op de meeste plaatsen 3 tot 5 centimeter sneeuw. De sneeuw dooide vrijwel overal binnen een dag weer weg. Op 19 februari viel in het zuiden en midden plaatselijk een paar centimeter sneeuw. Deze sneeuw was na enkele uren al weer weggesmolten. Met al deze winterse situaties kwam het maar liefst acht keer tot een code oranje voor gladheid, die in totaal op elf dagen gold. Eén keer werd daarbij zelfs opgeschaald naar een weeralarm (code rood). 

In Berkel-Enschot heeft het op 11 winterdagen gesneeuwd, waarbij op 10 dagen een sneeuwdek werd gevormd. Het hoogste sneeuwdek werd op 7 januari gemeten en kwam uit op 23 cm. Een nieuw record sinds de metingen daar in 1998 zijn begonnen. Het vorige record stond op 20 cm van 20 december 2009 die daarna voor een Witte Kerst zorgde. 

ZONNESCHIJN

Met landelijk gemiddeld 222 uren zon tegen een langjarig gemiddelde van 217 uur was het een iets zonniger winterseizoen. Het somberst was het in Eelde met 193 uur zon en de meest zon kreeg Maastricht met 250 zonuren. In De Bilt en Berkel-Enschot scheen de zon respectievelijk 229 uur (normaal 212 in De Bilt) en 219 uur tegen 220 normaal rondom Tilburg. Bij dat laatste station werden in deze winter 26 zonloze dagen geteld (normaal 30) en maar 12 zeer zonnige dagen, terwijl we op 14 van zulke dagen in het winterseizoen mogen rekenen. 

December was met 68 uur zon tegen een langjarig gemiddelde van 58 uur zonnig. Vooral het einde van de maand verliep zonnig: 24 tot en met 26 december en 28 december waren zeer zonnige dagen. Januari was wat zonniger dan normaal met 74 zonuren tegen 68 zonuren normaal. In februari scheen de zon met gemiddeld over het land 79 uur veel minder dan normaal (92 zonuren). Er was vooral de eerste 10 dagen in delen van Nederland flink wat zon, maar verder was het vaak grijs. De 25e en 26e waren zeer zonnig. 

NOORDERLICHT

Op 11 januari was in het noorden van het land het noorderlicht zichtbaar. Met het blote oog was het noorderlicht nauwelijks waarneembaar, maar met een camera met lange sluitertijd was het verschijnsel een stuk beter te zien. Ook op 19 januari kwam het tijdens de avond tot een zeer fraai noorderlicht. Er kwamen veel meldingen binnen en het noorderlicht was dit keer wel met het blote oog zichtbaar met felle groene en roze kleuren tot zelfs in Berkel-Enschot en Tilburg toe. Prachtig.


donderdag 19 maart 2026

Het Weernieuws: Lente begint

Sinds 2012 is de start van de astronomische lente op 20 maart en deze gaat morgenmiddag om 15:46 uur beginnen. En dat is eigenlijk de juiste datum in maart en niet de 21e zoals velen geleerd hebben. In 2011 was dit wel het geval en hoe gek het ook klinkt, dat was uniek. Het was namelijk de tweede keer in deze eeuw dat de lente op die datum begon en meteen ook de laatste. We moeten nu helemaal wachten tot het jaar 2102 (!) als dit seizoen pas weer op 21 maart begint. 

WEERBEELD

Net als vorig jaar krijgen we een prachtig begin van het lenteseizoen. Zon en wolken wisselen elkaar af en het blijft droog. Met 13 graden is het echter wel wat frisser. In 2025 was het helemaal genieten. De zon scheen de hele dag en liep de temperatuur op naar bijna 20 graden in Eindhoven en Ell met respectievelijk 19,8°C en 19,9°C. In Berkel-Enschot en Tilburg werd het zelfs 21,4°C. Heerlijk. In 2024 was het ook fantastisch. De zon scheen meer dan 8 uur, ondanks alle sluierwolken die de hele dag aanwezig waren. Daarbij werd het 19,6°C. Drie jaar geleden was het totaal anders en werd het een sombere eerste lentedag. Er was veel bewolking en in de ochtend had het geregend wat nog 2 mm opleverde. Met ruim 10 graden was het maar een kille dag. In 2022 kregen we op 20 maart te maken met regen- en sneeuwbuien die in de ochtend vielen. In de middag was het droog en kwam de zon er steeds meer door. Warmer dan een graad of 10 werd het niet. In 2021 was het een prachtig, maar koud begin van de lente. Na lichte vorst in de ochtend, met -4,8°C in Twenthe (aan de grond -8,3°C) en -4,5°C in zowel Eelde als Hupsel, werd het met ruim 10 zonuren een zonnige lentedag. Tegen de avond werd het pas bewolkt en liep het kwik overdag in Berkel-Enschot op naar 10,8°C. In de loop van de avond viel uit die bewolking wat motregen. In 2020 zagen we op de eerste lentedag met 9 graden helemaal geen zon. Het bleef bewolkt waar in de middag en avond wat lichte regen uitviel. In 2019 waren er op deze dag verkiezingen van de Provinciale Staten en Waterschappen en toen hadden we eveneens een bewolkte hemel waar rond het middaguur wat lichte regen uitviel. Maar met 13 graden was het wel zacht. In 2018 was het op 20 maart winters. In de ochtenduren lag er op veel plaatsen een dun laagje sneeuw, nadat de temperaturen op enkele plaatsen flink onderuit waren gegaan. In het oosten werd het in Twenthe en Arcen respectievelijk -5,5°C en -5,0°C. In Brabant waren Gilze-Rijen en Eindhoven het koudst met ieder -4,4°C. Nadat de ochtend nog met bewolking begon werd het daarna een stralende voorjaarsdag met maximaal 9 graden. Negen jaar geleden hadden we opnieuw een sombere start van de lente. De gehele dag viel er motregen en daarbij was het zo’n 11 graden en de zon zagen we niet. In 2016 was het een fris begin van het lenteseizoen. Er verschenen in de ochtend opklaringen die de temperatuur in Berkel-Enschot deed oplopen naar 10 graden rond het middaguur. In de middag nam de bewolking steeds meer toe gevolgd door wat druppels en motregen in de avond. Het kwik zakte vervolgens terug naar 8 tot 9 graden. In 2015 hadden we een valse start van de lente. De dag begon mistig en nevelig die ook nog eens de gehele dag bleef hangen. Hierdoor konden we geen glimp opvangen van de gedeeltelijke zonsverduistering die in de ochtend plaatsvond. De mist maakte het koud, want op deze eerste lentedag werd het maximaal 5,4°C in Berkel-Enschot en in het Limburgse Arcen werd het niet warmer dan 4,4°C. Toen vervolgens de astronomische lente om 23:45 uur begon, passeerde een uur later een regengebied onze regio. 

Wat een contrast met twaalf jaar geleden die op 20 maart 2014 fantastisch verliep met volop zon en temperaturen die naar de 22 tot 23 graden gingen. Een heerlijk warm begin van de astronomische lente. Maar dat was in 2013 wel anders toen het gewoon winterweer was. Er viel van tijd tot tijd sneeuw en warmer dan 2,0°C werd het niet. De dagen erna werd het kouder en kouder. Tot en met het einde van de maand ging het elke nacht vriezen en overdag was het een graad of 5. Maar door de stevige wind lag de gevoelstemperatuur ver onder het vriespunt. Er werden zelfs waarden gemeten van -10 tot -12 graden in de ochtend. Ongelooflijk! In de jaren ervoor begon de lente zowel in 2011 als 2012 prachtig. De zon scheen volop en deze liet de temperatuur in 2012 naar de 15 graden gaan en in het jaar daarvoor was het nog een graadje warmer. De start was wel koud met in 2012 vorst aan de grond. In 2011 was het nog kouder waar in Twenthe op 21 maart, toen op deze dag de lente begon, net geen matige vorst werd waargenomen en op een kwikstand van -5,0°C bleef steken; aan de grond vroor het zelfs een graad of 8. In 2010 werd de lente ingeluid met regen- en onweersbuien. Dat hadden we vooral te danken aan de hoge temperatuur op die dag: op 20 maart werd het namelijk 18 graden in Berkel-Enschot. 

BETEKENIS

De lente van dit jaar zal overigens eindigen op 21 juni om 10:25 uur, want dan begint de astronomische zomer. De astronomische lente begint pas als de zon loodrecht boven de evenaar staat. Voor deze eeuw gebeurde het op de ‘normale’ datum van 21 maart slechts twee keer: namelijk in 2007 en in 2011. Na deze datum kunnen we dus pas in het jaar 2102 de start van de lente op de 21e verwelkomen. Dat betekent dat de lente de komende jaren vrijwel altijd op 20 maart zal aanvangen en in 2048 begint deze zelfs al een dag eerder op de 19e. 

Sterrenkundigen rekenen in tropische jaren. Dat staat voor de tijd die verloopt tussen twee opeenvolgende zogenaamde equinoxen (begindatum van de lente of begindatum van de herfst). De lengte van een tropisch jaar is om precies te zijn 365 dagen, 5 uur en 49 minuten. Daardoor valt bijvoorbeeld de astronomische lente jaar na een jaar bijna zes uur later. In 2015 begon de lente om 23:45 uur en dan zou je denken dat zes uur later het in 2016 de dag van 21 maart zou moeten zijn. Maar in dat jaar was 20 maart echter de opening van het lenteseizoen enwel om 05:30 uur. Dat kwam omdat we in dat jaar een schrikkeldag hadden en dan zal de lente een sprong naar achteren maken van één dag. Aangezien vier tropische jaren iets korter duren dan vier jaren van 365,25 dagen zal na iedere vier jaar de lente tevens zo’n drie kwartier vroeger beginnen.

Dag en nacht duren bij het begin van de lente overal op de wereld even lang en dat betekent dat de zon dan precies boven de evenaar staat. Vandaar ook dat de astronomische lente tussen 19 en 23 maart kan beginnen, maar niet exact. In ons land duurt de dag waarop de lente begint alweer ongeveer 10 minuten langer dan de nacht. Verschillen die het gevolg zijn van het feit dat de tijdstippen van opkomst en ondergang van de zon betrekking hebben op de bovenrand van de zon. Bovendien is de zon door breking van stralen in de atmosfeer nog kort zichtbaar terwijl zij in werkelijkheid al onder is. De seizoensindeling is gebaseerd op de positie van de aarde ten opzichte van de zon. De seizoensverschillen vinden hun oorzaak in de schuine stand van de as waar de aarde om draait. Hierdoor komt de zon op het noordelijk halfrond (waar ook Nederland ligt) in de zomer hoger boven de horizon dan in de winter en schijnt daardoor in de zomer langer dan in de winter.

Als de luchttemperatuur direct en alleen op de zon zou reageren dan zou 21 juni, de langste dag van het jaar, ook de warmste dag moeten zijn en precies midden in de zomer moeten vallen. In werkelijkheid loopt de temperatuur langzamer op vooral onder invloed van oceanen en zeeën. De opwarming van zeewater door de zon gaat langzamer dan de opwarming van landoppervlak. Onder invloed van het nog koude water van de Noordzee begint aan de Nederlandse kust het warmere seizoen later dan in het binnenland. Als we de seizoensindeling volledig zouden laten afhangen van de gemiddelde temperatuur op verschillende plaatsen in het land, kunnen we uitrekenen dat de lente in Zuid-Limburg gemiddeld eigenlijk al op 9 maart begint en op Terschelling pas op 23 maart.

Om praktische redenen en volgens internationale afspraak gebruiken weerkundigen voor het berekenen van klimatologische gemiddelden een andere seizoensindeling en worden steeds drie opeenvolgende kalendermaanden als één seizoen beschouwt. Volgens de klimatologische indeling is de lente dus al begonnen op 1 maart en duurt dit seizoen tot en met 31 mei.

Weerspreuk van de week: 20-26 maart 2026

 

20 Maart, het begin van de lente,

dan is het niet altijd rijst met krenten.

 

Autoruiten nu nog steeds bevroren,

dat geeft straks veel koren.

Weekendweersverwachting: 21-22 maart 2026

 Prachtig voorjaarsweer

Vanaf 10 maart kwam er een einde aan het prachtige lenteweer van de dagen ervoor en werd het wisselvallig In de nacht van zondag op maandag werd deze wisselvalligheid afgesloten met stevige buien die gepaard gingen met hagel, onweer en felle windstoten. In de ochtend waren de buien voorbij en kregen we een mooie dag voorgeschoteld, maar wel fris met nog geen 12 graden. De dagen erna kroop het lenteweer opnieuw uit haar schulp. Temperaturen gingen omhoog en de zon liet zich steeds meer zien. Op dinsdag ging dit in de ochtenduren nog gepaard met wat lichte motregen. Het was daarmee meteen de laatste neerslag, want voor de rest van de week bleef het droog en verdwenen ook de wolken. Op deze donderdag beleefden we met 18 graden in onze regio, de warmste dag van de week. Maar wat was de start van deze dag toch koud. Het kwik bleef namelijk net boven het vriespunt. Op andere plaatsen had het wel gevroren. Dit gebeurde in Brabant op de stations Woensdrecht en Eindhoven met respectievelijk -0,5°C en -0,1°C. In het oosten van het land werd de laagste temperatuur bereikt tot -1,2°C in Hupsel en -1,1°C in Eelde. Aan de grond was het allemaal nog kouder, waarbij Eelde met -5,1°C zelfs matige vorst kreeg. Gilze-Rijen komt daarna met -4,1°C gevolgd door Hupsel en Twenthe met ieder een kwikstand van -3,8°C. Dit hebben we allemaal te danken aan een hogedrukgebied boven de Noordzee die voor rustig mooi voorjaarsweer zorgde. In de komende nacht neemt de bewolking langzaam toe in de vorm van sluierwolken waar de vrijdag ook mee van start gaat. In middag komen wat meer wolkenvelden voor waardoor het nog een graad of 13 kan worden bij een matige wind uit het noordoosten. Inmiddels staat de zon dan boven de evenaar en dat betekent op het Noordelijk Halfrond dat de astronomische lente van start is gegaan. 

In het weekeinde profiteren we nog steeds van het hogedrukgebied en begint de lente dus meteen prachtig. Want op zowel zaterdag als zondag is het stralende weer bij temperaturen van zo’n 14 graden. De nachten verlopen met 4 graden wel wat fris. In de loop van zondag proberen depressies ten noorden van ons het hogedrukgebied te verdrijven wat gepaard gaat met hoge sluierwolken. Het lukt echter niet want op maandag staat het hogedrukgebied haar mannetje en duwt de depressie terug naar het noorden richting IJsland. Maandag wordt dan opnieuw een mooie dag, waarbij zon en wolken elkaar in de loop van de dag afwisselen. Met een noordenwind wordt het met een graad of 13 iets frisser. Op dinsdag krijgen we te maken met een mix van sluierwolken en zonneschijn doordat de IJslandse depressie het nu genoeg vindt en opnieuw de aanval zoekt. De wind draait nog even naar het zuiden, waardoor de temperatuur nog boven de 15 graden uit kan komen. Op woensdag is het gedaan met het prachtige voorjaarsweer als de depressie boven de Noordzee tussen IJsland en Noorwegen komt te liggen. Met een west tot noordwestelijke stroming wordt koude lucht aangevoerd en tevens buien. Deze kunnen gepaard gaan met hagel en onweer. Warmer dan een graad of 9 zal het niet worden. Vervolgens krijgen we de donderdag met een komen en gaan van die maartse buien en loopt het kwik op tot maximaal 7 graden. Tot in het weekeinde blijft het dan wisselvallig waar de maand maart mee zal eindigen. 

Prettig weekend!

zondag 15 maart 2026

Weersverwachting deze week: 16-20 maart 2026

 Lenteweer keert terug

Dat er een einde zou komen aan het prachtige lenteweer na de eerste week van de maand werd wel verwacht, maar dat het zo spectaculair zou worden niet. Vanaf dinsdag viel er neerslag in de vorm van regen, maar gisteren kregen we te maken met maartse buien. Zo werd het zuiden van Limburg, in Noorbeek, wakker in een winterse wereld als gevolg van sneeuwval. In de middag trokken felle buien over het land, waarvan sommige gepaard gingen met onweer. Zoals in onze regio, waarbij het rond 15:00 uur begon te rommelen in de atmosfeer. Vervolgens kreeg het noorden van het land te maken met zware hagelbuien die wegen helemaal wit en dus ook glad maakten. Met name Friesland kreeg te maken met ongelukken en in het Noord-Hollandse Lutjebroek werd hagelschade gemeld aan tulpenvelden. Oorzaak was de aanvoer van ijskoude lucht van -35 graden op vijf kilometer hoogte, waardoor de temperaturen rondom Tilburg niet verder kwamen dan een graad of 10. In Limburg werd het maximaal 6 graden en in Twenthe bleef het kwik steken op 5,5°C. In de ochtend dook de temperatuur op enkele plaatsen al onder het vriespunt tot -1,4°C in Eelde en -1,3°C in Deelen. De buien zorgden plaatselijk ook nog eens voor veel neerslag. In Berkel-Enschot viel 8 mm, maar op andere plaatsen viel het soms met bakken eruit. Zo ving Helden 19 mm op, Oirschot 15, Eelde 13 en Eindhoven en Ell ieder 12 mm. Vervolgens werd het na al die buien van de zaterdag helder en koelde het in de avond en nacht nog verder af. Vrijwel overal heeft het afgelopen nacht gevroren met uitzondering van de kustgebieden. Eelde scoorde -3,3°C gevolgd door Heino met -3,0°C, Gilze-Rijen (-2,7°C), Hupsel en Twenthe (ieder -2,6°C) en Eindhoven en Deelen die samen -2,4°C registreerden. Aan de grond op tien centimeter hoogte kwam het zelfs tot matige vorst. En dat gebeurde alleen in Eelde waar het kwik op die hoogte tot -5,4°C kwam. Gilze-Rijen had het nét niet met -5,0°C. 

Deze zondagochtend is dan ook stralend begonnen met heel veel zonneschijn. In de loop van de dag neemt de bewolking toe en gaat het in de avond regenen. Het wordt vandaag zo’n 12 graden bij een matige wind die tegen de avond gaat toenemen. We hebben op dit moment te maken met een uitloper van een hogedrukgebied, maar die wordt in de middag verdreven door een depressie ten noorden van ons. Op maandag hebben we daar nog last van wat gepaard gaat met enkele buien en opklaringen. Het blijft nog wel stevig waaien met een matige tot vrij krachtige westenwind. En aangezien de thermometer maar 10 graden zal aanwijzen zal het koud aanvoelen. Tegelijkertijd zien we boven Rusland een hogedrukgebied liggen die onze kant op komt. Op dinsdag hebben de randen ervan onze regio bereikt en wordt met een zuidwestenwind zachte lucht aangevoerd. Er is dan wel veel bewolking waar in eerste instantie wat lichte (mot)regen uitvalt. In de middag is het droog en komt de zon te voorschijn bij een graad of 16. Op woensdag heeft het Russische hogedrukgebied een verbinding gezocht met een ander hogedrukgebied op de Atlantische Oceaan. Hierdoor ontstaat er een langgerekt weersysteem waar we tot in het weekeinde van gaan profiteren. De zon krijgt alle ruimte afgewisseld met wat sluierwolken en laat de temperatuur op woensdag en donderdag tot 17 graden stijgen. Vervolgens komt op vrijdag het hogedrukgebied boven de Noordzee te liggen en komen we in een noordoostelijke stroming terecht met aanvoer van koude lucht. Temperaturen dalen tot 12 graden en in de nachten kan het plaatselijke tot vorst aan de grond komen. Zaterdag zouden we wel eens de 10 graden niet kunnen halen en zijn er wat wolkenvelden te zien. Zondag ziet er dan wat beter uit met veel zon en een graad of 15. 

Prettige week!

donderdag 12 maart 2026

Weerspreuk van de week: 13-19 maart 2026

 Een koekoeksroep ter helft van maart,

is voor de boer een daalder waard.

 

Als in maart felle wind gaat komen,

komt er veel fruit aan de bomen.

Weersverwachting deze week: 25-29 mei 2026

  Aanhoudend zomerweer tot de laatste lentedag Jeetje, wat een warmte ineens. Sinds vrijdag zitten we op zomerse temperaturen van minstens...