ZEER WARM, UITZONDERLIJK DROOG
en EXTREEM ZONNIG
2025
gaat de weerboeken in als een zeer warm jaar, waarbij officieel twee
hittegolven werden geregistreerd. Daarbij was het uitzonderlijk droog en dat
kwam vooral door de enorme hoeveelheid zonneschijn, want het werd het op één na
zonnigste jaar ooit waargenomen. Daarnaast stormde het vijf keer, werden er twaalf datum-warmterecords genoteerd en kwam
het zes keer tot code oranje.
TEMPERATUUR
Met
in De Bilt een gemiddelde etmaaltemperatuur van 11,4°C, tegen normaal 10,5°C,
was 2025 zeer warm. Het komt daarmee op de zesde plaats van warmste jaren sinds
het begin van de waarnemingen in 1901. De voorgaande twee jaren waren de
allerwarmste ooit, want zowel in 2023 als in 2024 was het gemiddeld 11,8°C. De
gemiddelde maximumtemperatuur dit jaar is uitgekomen op 15,8°C tegen 14,8
normaal. De gemiddelde minimumtemperatuur is 6,8°C tegen 6,4 normaal. Warme
nachten in combinatie met hoge middagtemperaturen hebben de grootste bijdrage
geleverd aan dit zeer warme jaar. De laagste temperatuur in ons land noteerde
Twenthe op 18 februari met -8,8°C en de hoogste kwikstand werd op 2 juli in
Maastricht geregistreerd: 39,0°C. In totaal werd twee officiële hittegolven
waargenomen en dat is zeer bijzonder. Sinds 1901 telden alleen de zomers van
1941, 2006, 2018 en 2019 twee officiële hittegolven.
In
Berkel-Enschot werd het gemiddeld 12,2°C tegen normaal 11,6°C en komt hier eveneens
op de zesde plaats, alleen hier begonnen de waarnemingen pas in 1998. Bovenaan
staan 2014 en 2023 toen de gemiddelde etmaaltemperatuur op 12,5°C uitkwam,
gevolgd door 2020, 2022 en 2023 met ieder 12,4°C. Dus eigenlijk staat het op de
3e plaats. In 2025 werd het overdag 16,9°C (normaal 15,9°C) en in de nachten
kwam het gemiddelde rondom Tilburg uit op 7,4°C en dat is normaal.
In
totaal kwamen in De Bilt 55 vorstdagen voor (normaal 53), waarbij op drie dagen
de temperatuur niet boven het vriespunt uitkwam, de zogenaamde ijsdagen.
Normaal mogen we daar op acht ijsdagen rekenen. De meeste ijsdagen in ons land
had Maastricht met zes en in Eelde vroor het dit jaar het meest, namelijk in 82
dagen. Op slechts vier dagen, drie in februari en één in december, kwam het tot
matige vorst met een minimumtemperatuur onder -5 graden. Gebruikelijk daalt de
temperatuur op negen dagen tot onder de -5 graden. Tot strenge vorst
(minimumtemperatuur <-10 graden) kwam het nergens. Op 24 augustus kwam
het uitzonderlijk vroeg tot de eerste
grondvorst na de zomer. De temperatuur daalde op klomphoogte naar
respectievelijk -0,2 en -0,3°C. Op 25 december werd het in Twente niet warmer
dan -2,0°C, de koudste dag van het jaar. Het kwam opnieuw niet tot
datum-kouderecords en het laatste datum-kouderecord voor de maximumtemperatuur
was 6 augustus 2023. In De Bilt werd het toen niet warmer dan 15,8°C en zo koud
is het op deze dag nog nooit geweest. Een officieel kouderecord dus in
normaal gesproken de warmste periode van het jaar zijnde de Hondsdagen (20
juli-20 augustus). Het oude record stond op 15,9°C waargenomen in 1941.
Daarnaast
werden bij het KNMI in De Bilt 112 warme dagen van minstens 20 graden
waargenomen, waarvan er 28 de zomerse waarde van 25 graden haalde en acht de
tropische waarden van 30 graden, tegen normaal respectievelijk 93, 28 en 5
dagen. Al op 8 maart werd de eerste lokale
warme dag van het jaar genoteerd en de eerste officiële warme dag werd op 21 maart genoteerd.
In Eindhoven waren er 135 warme dagen en Maastricht had maar liefst 54 zomerse
dagen. Tenslotte hadden Ell en Maastricht met 14 dagen de meeste tropische
dagen van het jaar. Op sommige dagen werd het zo warm dat er in De Bilt nieuwe
datumrecords werden gevestigd. Dat gebeurde in februari (21), maart (6, 7, 8,
21), juni (13), juli (1 en 2), november (5) en in december op de 7e, 9e en 10e.
Kijken
we naar Berkel-Enschot dan werd op 26 december de laagste jaartemperatuur
gemeten met -5,3°C en de warmste dag was die van 1 juli met 38,8°C. De koudste
dag was een ijsdag en die voelde we op 21 januari met een maximum van -0,3°C.
Puffen was het in de nacht van 13 op 14 augustus toen het kwik niet verder
daalde dan 19,2°C. Hier kwam het tot twee ijsdagen (19 en 21 januari) en tot 49
vorstdagen tegen normaal vijf ijsdagen en 42 dagen met vorst. Het aantal warme
dagen kwam uit op 141 (normaal 123), waarvan er 62 zomers waren (normaal 48) en
17 tropische tegenover het langdurig gemiddelde van 11 dagen.
NEERSLAG
2025
was tevens een droog jaar, want landelijk gemiddeld viel 613 mm tegen 795 mm
normaal. Het is pas de derde keer deze eeuw dat gemiddeld over het land minder
dan 700 millimeter viel. In 2003 viel 631 mm en in 2018 bedroeg de jaarsom 607
mm. De voorgaande twee jaren waren extreem nat en het allernatste jaar was 2023
met maar liefst 1152 mm; vorig jaar viel 986 mm. Brabant had de droogste
plaatsen met 469 mm in Eindhoven en 480 mm in Etten-Leur. Daarna volgen Hoogvliet
(509), en Hoek van Holland met 516 mm. De meeste neerslag viel in Drenthe,
waarbij Rolde de lijst aanvoert met 954 mm, gevolgd door Roderesch met 941 en
Roden die nog 909 mm in de regenmeter kreeg. Het natste KNMI-station was Eelde
met 727 mm, maar toch werd daar een droog jaar geregistreerd, want normaal valt
er 818 mm. Vooral in de lente en de zomer was sprake van ernstige droogte,
vooral in het zuidwesten.
Berkel-Enschot
tapte dit jaar 592 mm en dat is ruim onder normaal van 873 mm en dus was het ook
hier een droog jaar. De natste dag was die van 23 oktober toen 21 mm naar
beneden viel. In totaal werd op 99 dagen minstens één millimeter opgevangen,
waarbij op 15 dagen minstens 10 millimeter naar beneden kwam. Normaal mogen we op
137 en 25 dagen rekenen van respectievelijk één en 10 millimeter. Naast regen
werd op negen dagen sneeuw waargenomen die op twee dagen voor een sneeuwdek
zorgde. Het langjarig gemiddelde staat voor het midden van Brabant op 17
sneeuwdagen die op acht dagen voor een sneeuwdek zouden moeten zorgen. Vervolgens
vielen er in 2025 ook buien die zeven keer gepaard gingen met hagel (normaal
13) en zeven keer met onweer (normaal 22). Tenslotte was het een kleine wereld
op 34 mistdagen (normaal 25).
SNEEUW
Sneeuw
was ook dit jaar een zeldzaam weersverschijnsel. Op 9 januari viel in het
zuidoosten sneeuw, waar in delen van Zuid-Limburg 10 tot 15 cm viel. Deze
sneeuw bleef enkele dagen liggen. Op 11 en 12 februari viel in het noorden
sneeuw met in een smalle strook plaatselijk meer dan 20 centimeter en bleef een
ruime week liggen. Tijdens de koude periode van 17 t/m 23 november sneeuwde
het tijdens winterse buien vooral aan de kust. In het zuiden van Limburg lag op
19 november tijdelijk wat sneeuw en op 23 november viel op veel plaatsen 1 tot
3 cm sneeuw en bleef maar enkele uren liggen.
STORM
We
kregen een onstuimig begin van 2025 met op 1 januari de tweede winterstorm en
tevens zevende Nieuwjaarsstorm sinds 1901. Als eerste kreeg Vlieland in de
Nieuwjaarsnacht een uur lang windkracht 9 gevolgd door IJmuiden en in de vroege
ochtend kwam Texel daarbij. Later die dag kwam IJmuiden zelfs tijdelijk tot
windkracht 10, zeer zware storm. Daarbij werden windstoten gemeten tot 111
km/uur in IJmuiden, Vlieland noteerde 104 km/uur en Berkhout 101 km/uur. Vervolgens
kwam het op 6 januari nogmaals
tot storm; de derde van de winter. Dit keer trok storm Floriane over het land met in IJmuiden, op de dijk Enkhuizen naar
Lelystad en op Vlieland windkracht 9. Daarbij werden windstoten gemeten tot 108
km/uur in Hoek van Holland en 105 km/uur in IJmuiden. De stormschade in het
land was door omgevallen bomen groot. Op 15 september konden we de eerste
herfststorm noteren toen IJmuiden een uur lang windkracht 9 had. Deze ging
gepaard met zware windstoten, waarbij op de Houtribdijk een windstoot van 102
km/uur werd geregistreerd. Op 4 oktober kregen
we de volgende storm over ons heen wat veroorzaakt werd door storm Amy en ontstond uit de restanten van
ex-orkaan Humberto. Er kwamen ook zware windstoten voor tot 108 km/uur in
IJmuiden. Op 23 oktober kregen we in de avond bezoek van storm Benjamin en was de derde herfststorm van
dit jaar een feit geworden op de Houtribdijk, de dijk tussen Enkhuizen en
Lelystad, met stormkracht 9. Ook de windstoten deden goede zaken en liepen op
tot 106 km/uur en dat gebeurde eveneens op de Houtribdijk.
ZONNESCHIJN
Gemiddeld
scheen de zon dit jaar maar liefst 2123 uur (normaal 1774), waarmee het, na
2022, het zonnigste jaar was sinds 1906 toen de waarnemingen van de zon
begonnen. Alleen januari en oktober waren aan de sombere kant. Maart was
recordzonnig en ook de rest van de lente en voorzomer (juni) waren zeer zonnig.
Aan de kust was het zonnigst met in Hoek van Holland 2239 zonuren. Zoals
gebruikelijk was het minst zonnig in het oosten, waarbij Nieuw Beerta 1957 uren
de zon zag. Berkel-Enschot had met 2070 zonuren een zeer zonnig jaar, want
normaal hoeven we maar op 1832 uren zonneschijn te rekenen. Daarbij werden 94
zeer zonnige dagen waargenomen tegen 69 normaal. Maar op 48 dagen zagen we geen
enkel straaltje van de zon, en dat is een week minder dan het normale aantal
van 55 dagen.
WEERWAARSCHUWINGEN
Tenslotte kwam het dit jaar zes keer tot een code oranje waarschuwing. Twee
keer gold code oranje voor gladheid, eenmaal door sneeuw en eenmaal door ijzel.
Twee keer werd gewaarschuwd voor hitte, een keer voor onweer en een keer voor
zware windstoten.
9
januari: code oranje voor sneeuw in Noord-Brabant en Limburg
11
januari: code oranje in Friesland en Groningen door ijzel
1-2
juli: code oranje door extreme hitte in Limburg, Noord-Brabant en
Gelderland en later door onweersbuien in Limburg, Noord-Brabant, Gelderland,
Overijssel, Drenthe en Groningen
23-24
oktober: code oranje door storm Benjamin in Zeeland, Zuid-Holland,
Noord-Holland en de Waddeneilanden
Voor
het tweede jaar op rij kwam het niet tot een code rood, zijnde een Weeralarm.